De objectieven voor de Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen (MOD) hebben acht streefdoelen – te bereiken in 2015- die een antwoord geven op de belangrijkste uitdagingen van de wereld. De MOD zijn de opvolging van de acties en de doelstellingen zoals opgenomen in de Millennium Verklaringen, goedgekeurd door 189 landen en ondertekend door 147 staatshoofden tijdens de Millennium Top van september 2000.
Formuleerd voor het jaar 2015, zijn de MOD een geheel van objectieven, die slechts kunnen worden bereikt op voorwaarde dat alle actoren zich engageren op actieve wijze. De arme landen hebben zich geëngageerd voor een beter bestuur en om zich tevens in te zetten voor hun bevolkingsgroepen via de weg van gezondheidszorg en educatie, rijke landen door hen te steunen en dit mits het gebruik van volgende werktuigen: hulp, vermindering van de overheidsschuld en een rechtvaardige handel.
Wij bevinden ons op de twee derde van de af te leggen weg, tussen 2000 en 2015. Het lijkt ons aangewezen binnen het werkingsrapport van DISOP, enige aandacht hieraan te besteden en meer in het bijzonder in relatie met de acht vooropgestelde doelstellingen en u tevens aan te geven hoe wij hiertoe een bijdrage hebben geleverd of zeker voor een deel hiervan.
De acht Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen zijn:
1. Extreme armoede en honger bestrijden
2. Basisonderwijs voor iedereen
3. Gelijke kansen voor de vrouwen
4. De kindersterfte terugdringen
5. De gezondheid van moeders verbeteren
6. Hiv/aids, malaria en andere dodelijke ziekten bestrijden
7. Zorgen voor een duurzaam milieu
8. Een wereldpartnerschap voor ontwikkeling creëren
DOELSTELLING 1 - Extreme armoede en honger bestrijden
De wereldwijde economische crisis heeft een vertraging in de vooruitgang veroorzaakt, maar toch bestaat de kans om de doelstelling van de vermindering van de armoede te realiseren. Het totaal objectief van de armoede zou dienen verminderd te worden met 15% vanaf nu tot in het jaar 2015. Dit betekent dat ongeveer 920 miljoen mensen onder de armoedegrens zullen leven op het internationale niveau, zijnde minder dan de helft sinds 1990.
OBJECTIEVEN
1. Verminderen met de helft, tussen 1990 en 2015, de bevolkingsgroepen waarvan de inkomsten minder is dan één dollar per dag
2. Waarborgen van een volle tewerkstelling voor iedereen, eveneens voor de vrouwen en de jongeren, om een correcte en productieve arbeid te bekomen
3. Verminderen met de helft, tussen 1990 en 2015, in de verhouding tot de bevolking die honger lijdt.
DE FEITEN
• Het aantal personen die wereldwijd, leven onder de armoedegrens, was gebracht op 1,25 dollar per dag, en is gedaald van 1,8 naar 1,4 miljard tussen 1990 en 2005.
• De verhouding van de mensen die leven in extreme armoede in de ontwikkelingslanden is gedaald van 46 naar 27%. Men is dus op de goede weg om deze doelstelling mondiaal te realiseren.
• De economische crisis zou 64 miljoen mensen toevoegen aan de extreme armoede in 2010.
• Ongeveer een vierde van de kinderen jonger dan vijf jaar lijden van gewichtsgebrek in de ontwikkelingslanden, daar waar zij bijna een derde waren in 1990.
DOELSTELLING 2 - Basisonderwijs voor iedereen
De hoop voor een wereldwijde opleiding tegen het jaar 2015 vermindert, dit niet tegenstaande het feite dat vele arme landen belangrijke inspanningen doen. De algemene scholing is vandaag toegenomen in het lager onderwijs met een bereikt gemiddelde van 89% (tegen 83% in 2000) en dit binnen de ontwikkelingslanden. Maar deze vooruitgang is onvoldoende om de waarborg te geven aan jongens en meisjes om in het jaar 2015 de volledige lagere cyclus te kunnen beëindigen.
Ongeveer 69 miljoen kinderen in de schoolleeftijd krijgen geen vorming. Bijna de helft onder hen (31 miljoen) wonen in Sub-Sahara Afrika en een kwart (18 miljoen) in Zuid-Azië.
OBJECTIEF
Van nu tot 2015, de waarborg geven aan alle kinderen, jongens en meisjes, overal in de wereld, om de volledige lagere school te kunnen beëindigen.
DOELSTELLING 3 – Gelijke kansen voor de vrouwen
Het verschil tussen de geslachten is verminderd wat betreft de toegang tot het onderwijs, maar de wanverhouding blijft zeer belangrijk wanneer wij dit zien op het universitair niveau in sommige ontwikkelingsstreken. Wat de loonvergoeding betreft, stelt men vast dat de wanverhouding tussen mannen en vrouwen verder toeneemt. Bovendien zijn de vrouwen vaak tewerkgesteld in zeer hachelijke omstandigheden. Daartegenover bereiken de vrouwen langzaam aan meer politieke invloed, vaak op basis van toegewezen quota’s en uitzonderlijke maatregelen.
OBJECTIEF
Het wegwerken van de dispariteiten tussen de geslachten in het lager onderwijs en het secondair onderwijs van nu tot het jaar 2005, en zo mogelijk op alle niveaus van het onderwijs tegen 2015 ten laatste.
DOELSTELLING 4 – De kindersterfte terugdringen
Belangrijke vooruitgang is geboekt bij het verminderen van kindersterfte. Sinds 1990, de sterftegraad bij de min vijfjarige is in de ontwikkelingslanden verminderd met 28%, t.t.z. van 100 overlijdens per 1.000 levende geboortes naar 72 in 2008. Op het wereldvlak, is het totale aantal van de kindersterftes onder de leeftijd van vijf jaar gedaald van 12,5 miljoen in 1990 naar 8,8 miljoen in 2008. Dit betekent dat in 2008, er dagelijks 10.000 overlijdens minder zijn dan in 1990.
Een dergelijke objectief is een succes, en te weten dat een groot deel van de kindersterftes onvermijdelijk of onbehandelbaar zijn, hebben sommige landen nog steeds een schandalig hoge kindersterfte, vooral in Sub-Sahara Afrika, hebben ze weinig of geen vooruitgang geboekt de laatste jaren. Erger nog, slechts tien van de 67 landen met een te hoge mortaliteit (vastgelegd minder dan 40 overlijdens voor 1000 levende geboortes) zijn op de goede weg om de doelstelling van de MOD te behalen inzake kindersterfte.
OBJECTIEF
Verminderen met twee derden, tussen 1990 en 2015, van de kindersterfte voor min vijfjarigen.
DOELSTELLING 5 – De gezondheid van moeders verbeteren
De verhouding van de vrouwen uit de ontwikkelingslanden, die bevallen zijn in aanwezigheid van gekwalificeerde personeel is gestegen van 53% in 1990 tot 63% in 2008. Alle regio’s maken vooruitgang, maar zijn spectaculair te noemen in Noord-Afrika en Zuidoost-Azië, die een verbetering hebben van 74 en 63%. Ook Zuid-Azië heeft een vooruitgang, zelf al blijft dit eveneens zoals voor Sub-Sahara Afrika onvoldoende. Minder dan de helft van de vrouwen die bevallen in deze streken, doen het zonder enige aanwezigheid van gekwalificeerde personen.
Meer dan 350.000 vrouwen sterven ieder jaar ten gevolge van bepaalde bijkomende moeilijkheden tijdens de zwangerschap of de bevalling. Bijna allen (99%) leven in de ontwikkelingslanden. In Sub-Sahara Afrika is het overlijdensrisico voor vrouwen 1 op 30, waar het in de ontwikkelde regio’s 1 op 5600 is.
OBJECTIEVEN
1. Verminderen met drie vierden, tussen 1990 en 2015, van het overlijdensrisico van de moeders.
2. De proactieve universele geneeskunde ter beschikking stellen van nu tot het jaar 2015.
DOELSTELLING 6 – Hiv/aids, malaria en andere dodelijke ziekten bestrijden
Op basis van recente epidemiologische gegevens, zou de verspreiding van aids in het geheel van de wereld een plafond hebben bereikt in 1996, met 3,5 miljoen nieuwe infecties. In 2008 was dit cijfer teruggebracht tot 2,7 miljoen. Het overlijden verbonden aan aids heeft een toppunt bereikt in 2004 met 2,2 miljoen overlijdens. In 2008, is deze hoeveelheid verlaagd tot ongeveer 2 miljoen, niet tegenstaande aids een belangrijke besmettelijke invloed heeft in de wereld. De toegang voor de behandeling van aids in de landen met laag inkomen is verhoogd met een tienvoud, in een periode van 5 jaar. De besmetting lijkt zich te stabiliseren in een belangrijk deel van de regio’s, zelf al blijft er een belangrijke stijging in Oost Europa, Centraal Azië en in de andere Aziatische regio’s, en dit vooral ten gevolge van een belangrijke infectietoename. De Sub-Sahara Afrika blijft het gebied het sterkste getroffen, met 72% nieuwe infectiegevallen inzake aids in 2008.
Andere ziektes halen de voorpagina’s van de kranten niet, maar ze treffen de vitaliteit en de verwachtingen van bevolkingen ten zeerste. Men schat 243 miljoen slachtoffers van de slaapziekte in 2008, die een sterfte heeft veroorzaakt van 863.000 mensen, waarvan 89% in Afrika. De slaapziekte doodt om de 45 seconden een kind in de wereld. Deze kwaal veroorzaakt voor een vijfde de kindersterfte in Afrika.
De tuberculose, definitief overmeesterd, verschijnt opnieuw (1,8 miljoen mensen stierven aan tuberculose in 2008), met bovendien een gedeelte aan pharmaco-weerbarstige bacillen en een toegenomen kwetsbaarheid ten gevolge van aids. Natuurlijk, deze drie ziektes concentreren zich vooral in de armste landen. Nochtans zou men deze kunnen overmeesteren dankzij de vorming, de preventie en wanneer ze toeslaan, met een therapie en verzorging.
OBJECTIEVEN
1. Van nu tot het jaar 2015, de verbreiding van aids onder controle hebben en te starten met het omkeren van de huidige situatie. Bereiken, van nu tot 2010, van een universele behandeling tegen aids, voor al diegene die hiertoe nood hebben.
2. Van nu tot 2010, waarborgen dat al wie nood heeft, kan behandeld worden tegen aids.
3. Van nu tot 2015, malaria behandelen en tevens andere grote ziektes, om op deze wijze de actuele trend te kunnen keren.
DOELSTELLING 7 – Zorgen voor een duurzaam milieu
De wereld bereikt, en zal zelf het objectief overtreffen in 2015 met betrekking tot drinkbaar water, als de huidige trends zich verder doorzet. Tegen dan, zullen 86% van de bevolking in de ontwikkelingslanden, zullen toegang hebben tot drinkbaar water, waar dit in 1990 slechts 71% was. Nochtans, 884 miljoen mensen in de hele wereld hebben vandaag nog steeds geen toegang tot drinkbaar water.
Met het huidige ritme zal de wereld de doelstelling niet bereiken die zij als objectief had gesteld, opdat de helft van de wereldbevolking de sanering zou kennen van wc’s of latrines. In 2008, ongeveer 2,6 miljard bewoners van deze planeet hebben geen toegang tot een verbetering van deze sanering. De trend gaat verder en het cijfer dreigt in 2015 de 2,7 miljard te overschrijden.
Spijts enig succes in de sector van de preventie inzake biodiversiteit, zal de trend zich verder zetten, en zullen enkele soorten totaal verdwenen zijn naar het einde toe van deze eeuw, die een spectaculaire wijziging van het ecosysteem kunnen inhouden. Men weet dat ongeveer 17.000 plantaardige en dierlijke soorten met verdwijning worden bedreigd.
De doelstelling ter verbetering van de kwaliteit van het leven van honderd miljoen bewoners van de slumps heeft reeds het dubbele bereikt. Deze verbeteringen zijn onvoldoende snel om de toegenomen bevolkingsgroepen in de armste stedelijke gebieden te compenseren. De absolute cijfers van bewoners in de slumps is in stijgende lijn, met enkele 828 miljoen personen die vandaag in de favela’s wonen.
OBJECTIEVEN
1. De principes van de duurzame ontwikkeling integreren in de nationale politiek; het omkeren van de actuele trend van het verlies van de omgevingskwaliteiten.
2. Verminderen van het verlies van de biodiversiteit, ten einde in 2010 een belangrijke vermindering te bekomen van het verlies dan deze.
3. Verminderen tot de helft, van nu tot 2015, van het bevolkingsdeel dat geen toegang heeft tot een duurzame bevoorrading van drinkbaar water en een basissysteem van waterzuivering.
4. Een substantiële verbetering, van nu tot 2020, van de levensomstandigheden van minstens 100 miljoen mensen woonachtig in de slumps.
DOELSTELLING 8 – Een wereldpartnerschap voor ontwikkeling creëren
Het niveau van de officiële ontwikkelingshulp (ODA, van het Engels Official Development Assistance) wordt steeds belangrijker, en dit ondanks de huidige financiële crisis, maar Afrika ontvangt onvoldoende en de hulp blijft ondermaats.
Voor de meeste geldschieters, is de hulp ver beneden het vooropgestelde doel van 0,7% van het bruto nationaal product, zoals dit werd vastgelegd door de Verenigde Naties. De ODA is ongeveer aan 0,31% van dit nationaal product. In 2009, zijn de enige landen die dit objectief hebben bereikt Denemarken, Luxemburg, Nederland, Noorwegen en Zweden. In 2010, heeft België ook die doelstelling bereikt van 0,7% van het bruto nationaal product.
Laten wij ook niet vergeten dat de schuldenlast is verminderd voor de ontwikkelingslanden en blijft aldusdanig onder een historisch niveau. Slechts één persoon op zes heeft toegang tot Internet in de ontwikkelingslanden.
OBJECTIEVEN
1. Verder zetting van het operationeel maken van een open commercieel, financieel en multilateraal systeem, gebaseerd op afspraken, gepland en niet discriminerend.
2. Antwoorden op de behoeften van de minst ontwikkelde landen, landen zonder kuststreken en kleien eilandstaten in ontwikkeling.
3. Het probleem inzake de schuldlast van de ontwikkelingslanden globaal benaderen.
4. In samenwerking met de farmaceutische industrie, geneesmiddelen beschikbaar stellen en toegankelijk maken voor de ontwikkelingslanden.
5. In samenwerking met de privé sector, voorzien dat de voordelen van de nieuwe technologieën, in het bijzonder deze van de informatie en de communicatie, beschikbaar zouden zijn voor iedereen.
En DISOP?
DISOP draagt bij aan de Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen.
Extreme armoede en honger bestrijden (doelstelling Nr 1) is de belangrijkste bijdrage van DISOP aan de Millennium Doelstellingen.
Zoals u zult kunnen lezen in dit verslag, is de prioriteit van DISOP in de rurale zones en aldaar de landbouwvorming, via de landbouwvormingcentra (CEFFAs = Centres Familiaux de Formation Agricole) met meer dan 18 projecten. Daarnaast de opzet van verschillende diensten en vulgarisatie initiatieven, die volledig gericht zijn op de voedselzekerheid en de duurzame ontwikkeling (25 projecten). Als steun aan deze projecten, geeft DISOP eveneens een belangrijke aanmoediging voor kredietfinanciering, spaarwezen en de instelling van microfinanciering. Het objectief van al deze projecten is de familiale landbouw en de landbouwers zelf te helpen inzake voedselzekerheid, verhoging van hun inkomsten. Ook voor een deel dankzij de niet-landbouw activiteiten in het rurale milieu, verbonden aan een zorg rond het leefmilieu.
In stedelijke zones wordt vooral het accent gelegd op de tewerkstelbaarheid en de promotie van microbedrijven (4 projecten).
De kruisbestuiving die DISOP voorziet bij de Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen zijn veelzijdig.
Basisonderwijs voor iedereen (doelstelling Nr 2).
• De projecten van de CEFFAs en andere professionele opleidingcentra nodigen de families uit hun kinderen naar deze scholen te sturen, opdat de families zien dat wie lukt met zijn studies, ook een tewerkstelling bekomt.
• Alle projecten van DISOP in de favela’s hebben betrekking op de tweede Millennium Ontwikkelingsdoelstelling: alphabetisatie, versterking van scholing ten voordele van kinderen en volwassenen.
Gelijke kansen voor de vrouwen (doelstelling Nr 3).
• In al onze projecten, waken wij over het feit dat de vrouwen kunnen deelnemen. Deze situatie maakt deel uit van de beoordelingelementen die onze partners dienen te leveren.
• De opleiding met betrekking tot gender is steeds een transversale lijn in alle vormingsinitiatieven.
• Verschillende projecten voor microkredieten zijn specifiek gericht op vrouwen.
Zorgen voor een duurzaam milieu (doelstelling Nr 7).
Een groot gedeelte van onze projecten bevinden zich in “kwetsbare” gebieden, zowel wat betreft het klimaat als de omgeving: cyclonen, bergen, onvruchtbare regio’s, of favela’s in extreme situaties.
De relatie tussen “kwetsbare” streken en armoede is duidelijk. Om onze belangrijkste objectief te bereiken, namelijk Millennium Ontwikkelingsdoelstelling Nr. 1 “Extreme armoede en honger bestrijden”, is het absoluut noodzakelijk om te werken aan de verbetering van de leefomgeving, en in vele gevallen, het trachten te herstellen van de leefomgeving… in de zones waar wij met de DISOP-projecten werkzaam zijn.
Wij dragen actief bij tot dit objectief via de vormingsactiviteiten en het organiseren van de bevolking. Zonder organisatie, zonder promotie van de bevolkingsattitude, is het onmogelijk enig objectief te bereiken.
De 3 doelstellingen voor de gezondheid, te weten: de kindersterfte terugdringen (doelstelling Nr. 4), de gezondheid van moeders verbeteren (doelstelling Nr. 5), en Hiv/aids, malaria en andere dodelijke ziekten bestrijden (doelstelling Nr. 6).
DISOP is geen gespecialiseerde instelling inzake gezondheidszorg. Nochtans, ondersteunen wij heel wat initiatieven in deze sector, vandaar dat de bijdrage van DISOP zich hoofdzaak situeert op het niveau van vorming en van gezondheidspreventie:
• In de overeenkomsten met onze partners, vragen wij steeds dat een element van aidspreventie aanwezig is.
• De CEFFAs voorzien in het vormingsprogramma steeds een aspect van gezondheidspreventie gebaseerd op het gegeven zien-oordelen-handelen.
Meer informatie over duoschenkingen.
Kerstboodschap van de Voorzitter
U wenst DISOP financieel te steunen? Schrijf uw gift over op:
IBAN: BE59 4300 8369 5126
BIC: KREDBEBB
Giften vanaf 40 € per jaar zijn fiscaal aftrekbaar.
Ivo Belet, Jean-Luc Dehaene, Mark Eyskens, Alain Hubert, Philippe Maystadt, Bruno Nève de Mévergnies, Frans Verheeke en Marc Vervenne maken deel uit van het Beschermcomité van DISOP.